Waarom bijna iedereen in Nederland een vitamine D-tekort heeft in de winter
Het is een van de meest onderschatte gezondheidsproblemen in Nederland: vitamine D-tekort. Schattingen variëren, maar onderzoekers gaan ervan uit dat 40 tot 60 procent van de Nederlanders een suboptimale vitamine D-spiegel heeft, vooral in de wintermaanden. Dat is niet zomaar een getal — het heeft consequenties voor je botten, je immuunsysteem, je stemming en je energieniveau.
In dit artikel leggen we uit hoe vitamine D precies wordt aangemaakt, waarom de Nederlandse winter zo problematisch is, wie extra risico loopt en wat je concreet kunt doen.
Hoe maakt je lichaam vitamine D aan?
Vitamine D is strikt genomen geen vitamine, maar een prohormoon. Je lichaam maakt het zelf aan wanneer je huid wordt blootgesteld aan UVB-straling van de zon. Het proces gaat als volgt:
- UVB-stralen raken je huid — 7-dehydrocholesterol (een cholesterolderivaat in je huid) wordt omgezet in previtamine D3.
- Previtamine D3 wordt vitamine D3 — door lichaamswarmte transformeert het binnen enkele uren.
- De lever maakt er calcidiol van — dit is de opslagvorm die in bloedonderzoek wordt gemeten (25-OH-vitamine D).
- De nieren maken de actieve vorm — calcitriol (1,25-dihydroxyvitamine D) reguleert honderden processen in je lichaam.
Dit klinkt eenvoudig, maar er is een cruciale voorwaarde: de UVB-straling moet sterk genoeg zijn. En daar zit precies het probleem voor iedereen die in Nederland woont.
Waarom oktober tot maart kritiek is
Nederland ligt op ongeveer 52 graden noorderbreedte. Dat betekent dat de zon in de wintermaanden zeer laag aan de hemel staat. De zonnestralen bereiken het aardoppervlak onder zo'n scherpe hoek dat het meeste UVB-licht door de atmosfeer wordt gefilterd voordat het je huid bereikt.
Dit wordt vaak de "vitamine D-winter" genoemd. Zelfs op een zonnige februaridag, als je een uur buiten loopt met ontblote onderarmen, maakt je lichaam nauwelijks vitamine D aan. De UVB-index is simpelweg te laag.
In de zomer (april-september) kan je lichaam bij voldoende zonblootstelling weer vitamine D aanmaken, maar de meeste Nederlanders krijgen ook dan niet genoeg. We werken binnenshuis, smeren zonnebrand (factor 30 blokkeert 97% van de UVB-straling) en besteden het grootste deel van de dag achter glas (dat UVB-licht tegenhoudt).
De cijfers: hoe wijdverspreid is het tekort?
Uit onderzoek van het RIVM en diverse cohortonderzoeken blijkt:
- 40-60% van de Nederlandse bevolking heeft een suboptimale vitamine D-spiegel (<75 nmol/L) in de winter.
- 15-20% heeft een ernstig tekort (<30 nmol/L).
- Bij ouderen in verzorgingshuizen loopt het tekortpercentage op tot 80%.
- Ook in de zomer heeft een substantieel deel van de bevolking (circa 20-30%) een suboptimale spiegel.
Deze cijfers zijn gebaseerd op de reguliere grenswaarde van 50 nmol/L als "voldoende". Veel orthomoleculaire therapeuten hanteren een streefwaarde van 75-125 nmol/L voor optimale gezondheid — en dan valt het percentage met een te lage spiegel nog hoger uit.
Risicogroepen: wie loopt extra gevaar?
Hoewel bijna iedere Nederlander risico loopt op een wintert tekort, zijn er groepen die extra kwetsbaar zijn:
- Ouderen (65+) — De huid wordt met de jaren minder efficiënt in het aanmaken van vitamine D. Een 70-jarige maakt bij dezelfde zonblootstelling slechts 25% van wat een 20-jarige aanmaakt.
- Mensen met een donkere huidskleur — Melanine, het pigment dat de huid beschermt tegen UV-schade, remt ook de opname van UVB-straling. Mensen met een donkere huid hebben tot 6 keer meer zonblootstelling nodig voor dezelfde vitamine D-productie.
- Mensen die weinig buitenkomen — Kantoorwerkers, thuiswerkers, chronisch zieken en mensen in instellingen krijgen onvoldoende zonlicht.
- Gesluierde vrouwen — Bedekkende kleding voorkomt dat UVB-licht de huid bereikt.
- Mensen met overgewicht — Vitamine D is vetoplosbaar en wordt opgeslagen in vetweefsel, waardoor het minder beschikbaar is in het bloed.
- Zwangere en zogende vrouwen — De behoefte is verhoogd door de groei van het kind.
Symptomen van een vitamine D-tekort
Een tekort aan vitamine D ontwikkelt zich geleidelijk en de symptomen zijn vaak vaag en aspecifiek, waardoor ze makkelijk over het hoofd worden gezien. Herkenbare klachten zijn:
- Vermoeidheid — Een aanhoudend moe gevoel, ook na voldoende slaap.
- Botpijn en spierzwakte — Vooral in de benen, heupen en onderrug.
- Spierkrampen — Door verstoord calcium- en magnesiummetabolisme.
- Frequente infecties — Vitamine D speelt een cruciale rol in de aangeboren afweer.
- Sombere stemming — De beruchte "winterdip" hangt deels samen met lage vitamine D-spiegels.
- Langzaam wondgenezingsproces — Vitamine D is betrokken bij weefselreparatie.
- Haaruitval — Vooral diffuse uitval kan wijzen op een tekort.
Let op: deze symptomen kunnen ook andere oorzaken hebben. Laat bij aanhoudende klachten altijd je vitamine D-spiegel meten via bloedonderzoek (25-OH-vitamine D).
Hoeveel vitamine D heb je nodig?
Over de optimale dosering bestaan verschillende visies:
Gezondheidsraad
De Nederlandse Gezondheidsraad adviseert:
- Volwassenen (18-69): 10 mcg (400 IE) per dag
- 70-plussers: 20 mcg (800 IE) per dag
- Risicogroepen (donkere huid, weinig buiten): 10 mcg extra
Orthomoleculaire benadering
Veel orthomoleculaire therapeuten achten deze adviezen te laag om een optimale spiegel (75-125 nmol/L) te bereiken en hanteren:
- Onderhoudsdosis: 25-50 mcg (1000-2000 IE) per dag
- Bij tekort: 75-100 mcg (3000-4000 IE) per dag gedurende 2-3 maanden
- Bij ernstig tekort: hogere doseringen onder begeleiding, met controle via bloedonderzoek
Belangrijk: hogere doseringen (boven 100 mcg / 4000 IE per dag) alleen onder begeleiding van een therapeut. Vitamine D is vetoplosbaar en kan bij overdosering schadelijk zijn.
Waarom vitamine K2 essentieel is bij vitamine D
Dit is een punt dat vaak wordt vergeten: vitamine D en K2 werken samen. Vitamine D bevordert de opname van calcium uit de darmen. Maar waar gaat dat calcium naartoe? Dat is waar vitamine K2 (met name de MK-7 vorm) een cruciale rol speelt.
Vitamine K2 activeert de eiwitten die calcium naar de juiste plekken sturen — je botten en tanden — en het weghouden uit je bloedvaten en zachte weefsels. Zonder voldoende K2 kan het extra calcium dat door vitamine D wordt opgenomen op de verkeerde plekken terechtkomen, wat het risico op vaatverkalking verhoogt.
Een goede vuistregel: bij elke 25 mcg (1000 IE) vitamine D neem je 45-90 mcg vitamine K2 (MK-7). Veel kwaliteitssupplementen combineren D3 en K2 in één product.
Voeding: een beperkte bron
Kun je vitamine D uit voeding halen? In theorie wel, maar in de praktijk is het vrijwel onmogelijk om via voeding alleen aan je dagelijkse behoefte te komen. De rijkste bronnen zijn:
- Vette vis (zalm, haring, makreel) — 5-15 mcg per 100 gram
- Levertraan — zeer hoog, maar de smaak...
- Eidooier — 1-2 mcg per ei
- Verrijkte producten (margarine, bepaalde zuivel) — kleine hoeveelheden
Je zou dagelijks meerdere porties vette vis moeten eten om aan 25 mcg te komen. Supplementatie is daarom voor de meeste Nederlanders de meest praktische oplossing, zeker in de wintermaanden.
Praktische tips voor de winter
- Laat je bloedwaarden meten — Begin oktober of november met een 25-OH-vitamine D test. Dan weet je je uitgangspunt.
- Supplementeer van oktober tot april — Een minimum van 25 mcg (1000 IE) vitamine D3, gecombineerd met K2 (MK-7).
- Kies voor D3, niet D2 — Vitamine D3 (cholecalciferol) is effectiever dan D2 (ergocalciferol) in het verhogen van de bloedspiegel.
- Neem het in bij een maaltijd met vet — Vitamine D is vetoplosbaar en wordt beter opgenomen samen met vetten.
- Bouw in de zomer een voorraad op — Ga regelmatig 15-20 minuten in de zon (zonder zonnebrand) rond het middaguur.
- Controleer na 2-3 maanden — Herhaal het bloedonderzoek om te zien of je de optimale zone (75-125 nmol/L) hebt bereikt.
Gebruik onze vitamine D calculator
Wil je weten hoeveel vitamine D jij nodig hebt op basis van je huidige bloedwaarde, gewicht en omstandigheden? Gebruik onze gratis vitamine D calculator voor een persoonlijk advies.
Veelgestelde vragen
Waarom krijg je in Nederland te weinig vitamine D in de winter?
Nederland ligt op 52 graden noorderbreedte. Van oktober tot maart staat de zon zo laag dat de UVB-straling te zwak is om vitamine D-productie in de huid te activeren. Je lichaam maakt dan vrijwel geen vitamine D aan, ongeacht hoeveel tijd je buiten doorbrengt.
Hoeveel vitamine D moet je supplementeren in de winter?
De Gezondheidsraad adviseert 10 mcg (400 IE) per dag voor volwassenen. Veel orthomoleculaire therapeuten hanteren hogere doseringen van 25-75 mcg (1000-3000 IE), afhankelijk van de bloedspiegel. Combineer vitamine D altijd met vitamine K2 (MK-7) voor optimale calciumverdeling.
Welke groepen lopen extra risico op een vitamine D-tekort?
Extra risico lopen: ouderen (verminderde huidproductie), mensen met een donkere huidskleur (melanine remt UVB-opname), mensen die weinig buitenkomen, gesluierde vrouwen, en mensen met overgewicht (vitamine D wordt opgeslagen in vetweefsel en is minder beschikbaar).
Benieuwd hoe het met jouw gezondheid staat?
Doe de gratis gezondheidsquiz →